Weblog

€ 600 miljoen besparen met e-factureren? Een berekening

Geplaatst in: Weblog door admin op 20/05/2009

 

web-garden_icon2-141De laatste tijd wordt veel gesproken over het economisch voordeel dat met e-factureren gepaard gaat. Ook vanwege de huidige economische tegenspoed is e-factureren, en de mogelijke daaruit voortvloeiende kostenbesparingen, steeds vaker onderwerp van discussie.

Zo wordt aangenomen dat we in Nederland € 600 miljoen kunnen besparen met grootschalige toepassing van e-factureren. Dit roept een aantal vragen op: Hoe komt men aan dit bedrag van € 600 miljoen aan kostenbesparing ? Verder, is er naast kostenbesparing ook op andere manieren economisch voordeel uit e-factureren te halen ? En tot slot, wat is waar als het gaat om dit soort berekeningen ?

Dit bedrag is tot stand gekomen op basis van een nulmeting van het EIM»  

Kijkend naar de criteria en de processen die het EIM in haar nulmeting van 2002 heeft toegepast, dan kan je concluderen dat een ontvanger aan de hand van een elektronisch te verwerken inkoopfactuur gemiddeld genomen viermaal zoveel kan besparen (met name vanwege tijdwinst) als de verzender van de verkoopfactuur.

In de berekening is daarom geprobeerd een ketenbesparing (besparing bij zowel verzender als ontvanger) op het gebied van e-factureren inzichtelijk te maken.

Welke besparingen per factuur zijn daarin meegenomen?
Bij de verdere berekening wordt als uitgangspunt genomen het rapport van PricewaterhouseCoopers (1999), op basis waarvan de Europese Richtlijn is opgebouwd. De betreffende Europese richtlijn is geïncorporeerd in de Nederlandse wetgeving, onder meer in artikel 35 van de Wet op de Omzetbelasting.
 
In het rapport van PricewaterhouseCoopers wordt genoemd dat het verzenden van een elektronische factuur een besparing oplevert van ongeveer € 1,65. De besparing bestaat onder meer uit: drukkosten papier en enveloppen, printkosten, kopieerkosten, frankeerkosten, afschrijvingen apparatuur, archiefkosten en handelingskosten. Voor de ontvangstzijde geldt dat een elektronische inkoopfactuur voornamelijk leidt tot tijdswinst. Dit bedrag is afkomstig van een rapport van de Gartner Groep uit 1999 en is zonder inflatiecorrectie toegepast.
 
Dit houdt – in theorie – in dat met e-factureren per elektronische verkoopfactuur € 1,65 en per elektronische inkoopfactuur € 6,60 (4 maal € 1,65) kan worden bespaard. Dat betekent een ketenbesparing per elektronische factuur van € 8,25.
 
Om te komen tot het bedrag van € 600 miljoen, is men van het volgende uitgegaan: 
1. Er is alleen gekeken naar de facturen in het B2B-segment. Op basis van de Factuurmonitor 2008, het aantal bedrijven in Nederland en het uitgangspunt van ketendigitalisering en ketenbesparing betreft het circa 75 miljoen facturen.
 
2. De berekening strekt zich uit tot uitsluitend de ‘factuur’ die past bij de strikte definitie in de fiscale wetgeving:
 
    ”..een rekening voor geleverde goederen of verleende diensten die voldoet aan de voorgeschreven vereisten.”
 
    Dit houdt in dat herinneringen, aanmaningen, bijlagen en andere – verplichte – communicatie voor de berekening buiten beschouwing zijn gelaten.
 
3. Het betreft uitsluitend ‘facturen’ die op Nederlands grondgebied worden verzonden en verwerkt.

4. Er wordt geen onderscheid gemaakt tussen de vormen waarin e-factureren wordt toegepast. Met die nuance dat PDF-facturen op dit moment nog niet kunnen bijdragen aan besparing in verwerkingskosten bij de ontvanger.
 
Heeft het bedrag betrekking op B2B of ook op anders segmenten?
Platform ELFA heeft in haar communicatie rondom de mogelijke besparing altijd het B2B-segment als uitgangspunt genomen. B2G en B2C zijn niet meegenomen in de berekening, omdat tijdens het samenstellen van de berekening hierover onvoldoende informatie beschikbaar was.
 
Tijd, ontwikkelingen, voortschrijdende inzichten en economisch voordeel
Sinds het bekendmaken van het resultaat van deze besparing in november 2006 zijn er diverse ontwikkelingen en voortschrijdende inzichten geweest, op basis waarvan goed kan worden betoogd dat het economisch voordeel* van e-factureren een stuk hoger komt te liggen dan alleen de besparingsmogelijkheden. Dit vraagt om wat uitleg.
 
Degene die bekend zijn met de regels rondom jaarrekeningen, balansen en dergelijke, weten dat er meer is dan besparen. Het jaarrekeningenrecht hanteert het begrip ‘economisch voordeel’. Economisch voordeel kan besparing in de vorm van lagere kosten inhouden, maar ook hogere inkomsten en mogelijk zelfs winst.
De eerste constatering is dan ook dat e-factureren meer economisch voordeel met zich mee kan brengen dan alleen een kostenbesparing.
 
De tweede constatering is dat met betrekking tot het onderdeel kostenbesparing er nog tal van posten zijn op te voeren waardoor de totale kostenbesparing en daarmee het totale economische voordeel verder – fors – groeit.

Ontwikkelingen die leiden tot extra besparingen met e-factureren
De volgende ontwikkelingen zijn niet meegenomen in de berekening:
1. de term ’factuur’ kan worden ingewisseld voor de bredere term ‘bericht’. Hierdoor kan een veelvoud aan elektronische berichttypen worden uitgewisseld (loonstrook, creditnota’s, opdrachtbevestigingen, pricatberichten, pensioenoverzichten, beschikkingen, et cetera).
 
2. Ook de facturen die vanuit Nederland naar het buitenland - en vice versa – worden gezonden, worden betrokken in de calculatie.
 
3. Ook e-factureren (berichten) inzake Business-2-Consumer, Business-2-Government en eventueel Government-2-Business zouden in de berekening kunnen worden betrokken.

Ontwikkelingen die leiden tot meer inkomsten
De volgende ontwikkelingen kunnen leiden tot meer inkomsten:

1. In de calculatie kunnen ook de positieve inkomsteneffecten van een efficiënter verwerkingsproces worden meegenomen: rente.

2. Hogere omzet. Als klanten een elektronische inkoopfactuur meteen kunnen inboeken in hun systeem, koppelen zij dit aan de volgende inkoop bij de betreffende leverancier: “Als ik bij hen inkoop krijg ik een besparing van € [x] omdat ik de factuur en orderregels meteen in het financieel pakket kan inboeken.”

Tot slot: “Wat is waarrrrr?”
De stem van Henk Westbroek komt boven drijven. Het weergeven van het resultaat van een financiële berekening – hoe goed onderbouwd deze ook zou mogen zijn – herbergt geen absolute ‘waarheid’ in zich. Het biedt slechts een indicatie van het economische voordeel (besparing en inkomsten) van e-factureren voor Nederland.

uit 2002 inzake administratieve lastenverlichting en het rapport van de Rekenkamer van 21 juni 2006 inzake administratieve lastenverlichting.

Hoe is dit bedrag van € 600 miljoen tot stand gekomen?
In de berekening is afgeweken van de genoemde besparingen in deze rapporten op grond van de rapporten zelf. De belangrijkste constatering is dat een (elektronische) verkoopfactuur voor de verzender, een (elektronische) inkoopfactuur voor de ontvanger is. Dat betekent dat e-factureren ook een besparing met zich mee kan brengen voor de ontvanger.

Powered by Hackadelic Sliding Notes 1.6.5